5. Realiseer in 
4 stappen opzet en uitvoering monitoring 

Hoe kom je tot een goede opzet en uitvoering van jouw monitoring?     Met onderstaande 4 stappen kun je jouw monitoring realiseren.

  •     Wat wil je zelf als teamleider/coördinerend buurtsportcoach weten? En waarom?
  •     Wat willen medewerkers van de gemeente weten? En waarom?
  •     Wie wil nog meer wat weten? En waarom?
  •     Is het haalbaar om dit te monitoren?
  •     Wat doen wij of anderen met de kennis die wordt verzameld?
5.1 Bepaal het doel van je monitor

Het stellen van een doel is best lastig. Het moet realistisch en haalbaar zijn, maar ook ambitieus (net haalbaar). Het is belangrijk om je af te vragen wat je gaat doen met de informatie. Ga je die bijvoorbeeld gebruiken om te verantwoorden, leren, vergelijken en enthousiasmeren. Probeer het stellen van je doelen samen met je teamleden en andere betrokken partijen te doen. Belangrijk om samen de verwachtingen te delen en op één lijn te brengen.

  •     Wat ga je meten?
  •     Hoe ga je dat meten? Met welke indicator, met welke meetmethode?
  •     Wie gaat dat doen en hoe vaak?
  •     Beschrijf dit in een monitorplan.
  •     Controleer of je daarmee de kennis krijgt die je zocht in stap 1.
  •     Welke kennis levert het ons op? Verderop is nader uitgewerkt met welke      
        meetmethoden je je monitor samenstelt.
5.2. Stel je monitor samen

Het verzamelen en analyseren van informatie kan een tijdrovend proces zijn. Houd het daarom simpel en maak keuzes: less is more. Weeg bij elke indicator af: wat doen we straks met die informatie? Welke kennis levert het ons op?

Doorloop de ontwerpfase ook samen met medewerkers van de gemeente, zodat je met elkaar de juiste keuzes maakt en de verwachtingen over en weer helder zijn. Het inschakelen van een onderzoeker van de gemeente is ook een optie. Die kan jou helpen bij het ontwerp van de monitor.

Het opzetten van een monitor is ook een goede kans om stil te staan bij de kern van je werk als buurtsportcoach. Zoeken naar passende, makkelijk meetbare indicatoren betekent ook dat je heel precies moet zijn. Wat betekent ‘maatschappelijke participatie’? Hoe zie je aan mensen dat ze ‘meer kwaliteit van leven’ hebben?

Mix van meetmethoden

(met resultaten in cijfers)

Tellen 

Tellen is vooral handig om uitkomsten te vergelijken. Tussen bepaalde groepen, gebieden of periodes, maar ook om het vooraf gestelde doel en het resultaat naast elkaar te kunnen leggen.

Informatie verzamelen via vertellen kan duiding geven aan cijfers. Het is wel lastig om hiermee een ontwikkeling zichtbaar te maken. Woordelijke informatie uit verschillende periodes is namelijk minder goed te vergelijken dan data op basis van cijfers.

(resultaten in woorden: ervaringen, verhalen)

Vertellen  
  •     Wie registreert wat? 
  •     Kent hij/zij het belang? Ziet hij/zij het nut ervan in?
  •     Wie verzamelt de informatie en ‘stimuleert’ waar nodig om de informatie
        aan te leveren?
5.3. Meet en verzamel de informatie

Veel informatie wordt al geregistreerd, maak daar gebruik van. Denk bijvoorbeeld aan data die de gemeente verzamelt, maar ook landelijke bronnen zoals www.sportenbewegenincijfers.nl. Informeer iedereen die informatie aanlevert ook over de uitkomsten. Of nog beter: betrek ze bij het gesprek in de vierde stap van de monitoring.

Deze vierde stap maakt de monitoring de moeite waard! Neem er de tijd voor.

  • Zet de informatie op een rij.
  • Bespreek de informatie op een open en actieve manier met de betrokkenen: buurtsportcoaches, hun samenwerkingspartners en actieve inwoners.
  • Bespreek ook wat anders en/of beter kan bij de volgende monitoring.
  • Zet de conclusies van deze besprekingen in een rapportage. Kies daarvoor een vorm,
    passend bij de ‘ontvanger’. Denk bijvoorbeeld aan een verslag, infographic of presentatie.
  • Creëer een mogelijkheid om de rapportage actief te bespreken met zowel opdrachtgever(s) als uitvoeringspartners.
5.4. Maak een rapportage en bespreek deze

Vier vragen kunnen nuttig zijn om de uitkomsten te duiden:

  • Herken ik deze uitkomsten?
  • Kan ik deze uitkomsten verklaren?
  • Wat vind ik van deze uitkomsten?
  • Zijn verbeteracties of andere afspraken nodig?

Creëer gespreksmomenten met een brede groep van betrokkenen, dus niet alleen met de gemeente, opdrachtgever en ‘klant’. Zo zorg je ervoor dat de monitoring gaat leven en voorkom je dat het rapport ongelezen in een bureaula beland.


Hoe kom je tot een goede opzet en uitvoering van jouw monitoring? Met onderstaande 4 stappen realiseer kun je jouw monitoring realiseren.

4. Realiseer in 4 stappen opzet en uitvoering monitoring

Het stellen van een doel is best lastig. Het moet realistisch en haalbaar zijn, maar ook ambitieus (net haalbaar). Het is belangrijk om je af te vragen wat je gaat doen met de informatie. Ga je die bijvoorbeeld gebruiken om te verantwoorden, leren, vergelijken en enthousiasmeren. Probeer het stellen van je doelen samen met je teamleden en andere betrokken partijen te doen. Belangrijk om samen de verwachtingen te delen en op één lijn te brengen.

  • Wat wil je zelf als teamleider/coördinerend buurtsportcoach weten? En waarom?
  • Wat willen medewerkers van de gemeente weten? En waarom?
  • Wie wil nog meer wat weten? En waarom?
  • Is het haalbaar om dit te monitoren?
  • Wat doen wij of anderen met de kennis die wordt verzameld?
5.1 Bepaal het doel van je monitor
  • Wat ga je meten?
  • Hoe ga je dat meten? Met welke indicator, met welke meetmethode?
  • Wie gaat dat doen en hoe vaak?
  • Beschrijf dit in een monitorplan.
  • Controleer of je daarmee de kennis krijgt die je zocht in stap 1.
  • Welke kennis levert het ons op? Verderop is nader uitgewerkt met welke  meetmethoden je je monitor samenstelt.
5.2. Stel je monitor samen

Het verzamelen en analyseren van informatie kan een tijdrovend proces zijn. Houd het daarom simpel en maak keuzes: less is more. Weeg bij elke indicator af: wat doen we straks met die informatie? Welke kennis levert het ons op?

Doorloop de ontwerpfase ook samen met medewerkers van de gemeente, zodat je met elkaar de juiste keuzes maakt en de verwachtingen over en weer helder zijn. Het inschakelen van een onderzoeker van de gemeente is ook een optie. Die kan jou helpen bij het ontwerp van de monitor.

Het opzetten van een monitor is ook een goede kans om stil te staan bij de kern van je werk als buurtsportcoach. Zoeken naar passende, makkelijk meetbare indicatoren betekent ook dat je heel precies moet zijn. Wat betekent ‘maatschappelijke participatie’? Hoe zie je aan mensen dat ze ‘meer kwaliteit van leven’ hebben?

(met resultaten in cijfers)

Tellen 

Tellen is vooral handig om uitkomsten te vergelijken. Tussen bepaalde groepen, gebieden of periodes, maar ook om het vooraf gestelde doel en het resultaat naast elkaar te kunnen leggen.

Informatie verzamelen via vertellen kan duiding geven aan cijfers. Het is wel lastig om hiermee een ontwikkeling zichtbaar te maken. Woordelijke informatie uit verschillende periodes is namelijk minder goed te vergelijken dan data op basis van cijfers.

(resultaten in woorden: ervaringen, verhalen)

Vertellen  
Denk aan een mix van meetmethoden: 
4.3. Meet en verzamel de informatie
  •     Wie registreert wat? 
  •     Kent hij/zij het belang? Ziet hij/zij het nut ervan in?
  •     Wie verzamelt de informatie en ‘stimuleert’ waar nodig om de informatie
        aan te leveren?

Veel informatie wordt al geregistreerd, maak daar gebruik van. Denk bijvoorbeeld aan data die de gemeente verzamelt, maar ook landelijke bronnen zoals www.sportenbewegenincijfers.nl. Informeer iedereen die informatie aanlevert ook over de uitkomsten. Of nog beter: betrek ze bij het gesprek in de vierde stap van de monitoring.

Vier vragen kunnen nuttig zijn om de uitkomsten te duiden:

  • Herken ik deze uitkomsten?
  • Kan ik deze uitkomsten verklaren?
  • Wat vind ik van deze uitkomsten?
  • Zijn verbeteracties of andere afspraken nodig?

Creëer gespreksmomenten met een brede groep van betrokkenen, dus niet alleen met de gemeente, opdrachtgever en ‘klant’. Zo zorg je ervoor dat de monitoring gaat leven en voorkom je dat het rapport ongelezen in een bureaula beland.


  • Zet de informatie op een rij.
  • Bespreek de informatie op een open en actieve manier met de betrokkenen: buurtsportcoaches, hun samenwerkingspartners en actieve inwoners.
  • Bespreek ook wat anders en/of beter kan bij de volgende monitoring.
  • Zet de conclusies van deze besprekingen in een rapportage. Kies daarvoor een vorm,
    passend bij de ‘ontvanger’. Denk bijvoorbeeld aan een verslag, infographic of presentatie.
  • Creëer een mogelijkheid om de rapportage actief te bespreken met zowel opdrachtgever(s) als uitvoeringspartners.

Deze vierde stap maakt de monitoring de moeite waard! Neem er de tijd voor.

5.4. Maak een rapportage en bespreek deze