4. Realiseer in 
4 stappen opzet en uitvoering monitoring 

Hoe kom je tot een goede opzet en uitvoering van jouw monitoring?     Met onderstaande 4 stappen realiseer kun je jouw monitoring realiseren.

  •     Wat wil je zelf als teamleider/coördinerend buurtsportcoach weten?
  •     Wat willen medewerkers van de gemeente weten?
  •     Wie wil nog meer wat weten?
  •     Is het haalbaar om dit te monitoren?
  •     Wat doen wij of anderen met de kennis die wordt verzameld?
4.1. Bepaal het doel

Het stellen van een doel is best lastig. Het moet realistisch en haalbaar zijn, maar ook ambitieus (net haalbaar). Probeer dit samen met je teamleden en andere betrokken partijen te doen. Belangrijk om samen de verwachtingen te delen en op één lijn te brengen.

Er kan ook een doelstelling in cijfers worden verbonden aan de informatie in een monitor. Welke score verwachten we op een indicator? Welke resultaten in cijfers maken het beleid tot een succes?

Het belang van activiteiten kan sterker worden onderbouwd als er een doelstelling in cijfers is. Het maakt de verantwoording ook spannender: is het doel wel of niet behaald? Leg de resultaten en de verwachtingen naast elkaar en bekijk de verschillen.

  •     Wat ga je meten?
  •     Hoe ga je dat meten? Met welke indicator, met welke meetmethode?
  •     Wie gaat dat doen en hoe vaak?
  •     Beschrijf dit in een monitorplan.
  •     Controleer of je daarmee de kennis krijgt die je zocht in stap 1.
  • ....Welke kennis levert het ons op? In hoofdstuk 5 is nader uitgewerkt hoe je jouw monitor samenstelt.
4.2. Stel je monitor samen

Het verzamelen en analyseren van informatie kan een tijdrovend proces zijn. Houd het daarom simpel en maak keuzes: less is more. Weeg bij elke indicator af: wat doen we straks met die informatie? Welke kennis levert het ons op?

Doorloop de ontwerpfase ook samen met medewerkers van de gemeente, zodat je met elkaar de juiste keuzes maakt en de verwachtingen over en weer helder zijn. Het inschakelen van een onderzoeker van de gemeente is ook een optie. Die kan jou helpen bij het ontwerp van de monitor.

Het opzetten van een monitor is ook een goede kans om stil te staan bij de kern van je werk als buurtsportcoach. Zoeken naar passende, makkelijk meetbare indicatoren betekent ook dat je heel precies moet zijn. Wat betekent ‘maatschappelijke participatie’? Hoe zie je aan mensen dat ze ‘meer kwaliteit van leven’ hebben?

  •     Wie registreert wat? 
  •     Kent hij/zij het belang? Ziet hij/zij het nut ervan in?
  •     Wie verzamelt de informatie en ‘stimuleert’ waar nodig om de informatie aan te leveren?
4.3. Meet en verzamel de informatie

Informeer iedereen die informatie aanlevert ook over de uitkomsten. Of nog beter: betrek ze bij het gesprek in de vierde stap van de monitoring.

Deze vierde stap maakt de monitoring de moeite waard! Neem er de tijd voor.

  • Zet de informatie op een rij.
  • Bespreek de informatie op een open en actieve manier met de betrokkenen: buurtsportcoaches, hun samenwerkingspartners en actieve inwoners.
  • Bespreek ook wat anders en/of beter kan bij de volgende monitoring.
  • Zet de conclusies van deze besprekingen in een rapportage (of giet deze in de vorm van een infographic).
  • Creëer een mogelijkheid om de rapportage actief te bespreken met zowel opdrachtgever(s) als uitvoeringspartners.
4.4. Maak een rapportage en bespreek deze

Vier vragen kunnen nuttig zijn om de uitkomsten te duiden:

  • Herken ik deze uitkomsten?
  • Kan ik deze uitkomsten verklaren?
  • Wat vind ik van deze uitkomsten?
  • Zijn verbeteracties of andere afspraken nodig?

Creëer gespreksmomenten met een brede groep van betrokkenen, dus niet alleen met de gemeente, opdrachtgever en ‘klant’. Zo zorg je ervoor dat de monitoring gaat leven en voorkom je dat het rapport ongelezen in een bureaula beland.


Hoe kom je tot een goede opzet en uitvoering van jouw monitoring? Met onderstaande 4 stappen realiseer kun je jouw monitoring realiseren.

4. Realiseer in 4 stappen opzet en uitvoering monitoring

Het stellen van een doel is best lastig. Het moet realistisch en haalbaar zijn, maar ook ambitieus (net haalbaar). Probeer dit samen met je teamleden en andere betrokken partijen te doen. Belangrijk om samen de verwachtingen te delen en op één lijn te brengen.

Er kan ook een doelstelling in cijfers worden verbonden aan de informatie in een monitor. Welke score verwachten we op een indicator? Welke resultaten in cijfers maken het beleid tot een succes?

Het belang van activiteiten kan sterker worden onderbouwd als er een doelstelling in cijfers is. Het maakt de verantwoording ook spannender: is het doel wel of niet behaald? Leg de resultaten en de verwachtingen naast elkaar en bekijk de verschillen.

  •     Wat wil je zelf als teamleider/coördinerend buurtsportcoach weten?
  •     Wat willen medewerkers van de gemeente weten?
  •     Wie wil nog meer wat weten?
  •     Is het haalbaar om dit te monitoren?
  •     Wat doen wij of anderen met de kennis die wordt verzameld?
4.1. Bepaal het doel
  •     Wat ga je meten?
  •     Hoe ga je dat meten? Met welke indicator, met welke meetmethode?
  •     Wie gaat dat doen en hoe vaak?
  •     Beschrijf dit in een monitorplan.
  •     Controleer of je daarmee de kennis krijgt die je zocht in stap 1.
  • ....Welke kennis levert het ons op? In hoofdstuk 5 is nader uitgewerkt hoe je jouw monitor samenstelt.
4.2. Stel je monitor samen

Het verzamelen en analyseren van informatie kan een tijdrovend proces zijn. Houd het daarom simpel en maak keuzes: less is more. Weeg bij elke indicator af: wat doen we straks met die informatie? Welke kennis levert het ons op?

Doorloop de ontwerpfase ook samen met medewerkers van de gemeente, zodat je met elkaar de juiste keuzes maakt en de verwachtingen over en weer helder zijn. Het inschakelen van een onderzoeker van de gemeente is ook een optie. Die kan jou helpen bij het ontwerp van de monitor.

Het opzetten van een monitor is ook een goede kans om stil te staan bij de kern van je werk als buurtsportcoach. Zoeken naar passende, makkelijk meetbare indicatoren betekent ook dat je heel precies moet zijn. Wat betekent ‘maatschappelijke participatie’? Hoe zie je aan mensen dat ze ‘meer kwaliteit van leven’ hebben?

4.3. Meet en verzamel de informatie
  •     Wie registreert wat? 
  •     Kent hij/zij het belang? Ziet hij/zij het nut ervan in?
  •     Wie verzamelt de informatie en ‘stimuleert’ waar nodig om de informatie aan te leveren?

Informeer iedereen die informatie aanlevert ook over de uitkomsten. Of nog beter: betrek ze bij het gesprek in de vierde stap van de monitoring.

Vier vragen kunnen nuttig zijn om de uitkomsten te duiden:

  • Herken ik deze uitkomsten?
  • Kan ik deze uitkomsten verklaren?
  • Wat vind ik van deze uitkomsten?
  • Zijn verbeteracties of andere afspraken nodig?

Creëer gespreksmomenten met een brede groep van betrokkenen, dus niet alleen met de gemeente, opdrachtgever en ‘klant’. Zo zorg je ervoor dat de monitoring gaat leven en voorkom je dat het rapport ongelezen in een bureaula beland.


  • Zet de informatie op een rij.
  • Bespreek de informatie op een open en actieve manier met de betrokkenen: buurtsportcoaches, hun samenwerkingspartners en actieve inwoners.
  • Bespreek ook wat anders en/of beter kan bij de volgende monitoring.
  • Zet de conclusies van deze besprekingen in een rapportage (of giet deze in de vorm van een infographic).
  • Creëer een mogelijkheid om de rapportage actief te bespreken met zowel opdrachtgever(s) als uitvoeringspartners.

Deze vierde stap maakt de monitoring de moeite waard! Neem er de tijd voor.

4.4. Maak een rapportage en bespreek deze