1. Creëer overzicht in activiteiten en effecten

Monitoren begint bij het bepalen van de activiteiten waarvan je de effecten wilt meten. Om daar keuzes in te maken, is het belangrijk om allereerst overzicht te krijgen. Wat zijn onze activiteiten en welke effecten leveren die op? Dit is voor (teamleiders) buurtsportcoaches soms een lastige vraag. Als buurtsportcoach heb je te maken met veel verschillende activiteiten die vaak indirect bijdragen aan bepaalde effecten.

Stel jezelf ook de vraag: wanneer is mijn eigen inzet een succes? Is het bereiken van je eigen (in)directe effecten voldoende? Of voel je jezelf verantwoordelijk voor het eindeffect, ook al heb je daar niet alle invloed op?

Wanneer succesvol?
Veelheid aan activiteiten

Activiteiten en (beoogde) effecten bundelen of groeperen is een belangrijke eerste stap. Bepaal samen met de gemeente waar je de focus op wilt leggen. Wat wil je echt weten? Wil je achterhalen welke activiteiten het grootste effect hebben? Of welke werkzaamheden het meest bijdragen aan de doelstelling van de gemeente? Is er twijfel bij jezelf of bij anderen over of een bepaald effect wel of niet bereikt wordt? 

Dan kun je er voor kiezen om de monitoring daar op te richten. Een andere optie is om bijvoorbeeld jaarlijks te monitoren en steeds andere soorten effecten te meten.

Buurtsportcoaches richten zich op verschillende activiteiten, die uiteenlopende effecten hebben. Daardoor kan het een uitdaging zijn om via monitoring de resultaten concreet te laten zien.

Focus bepalen
Hulpmiddel: Effectenarena

Een ‘effectenopstelling’, zoals de Effectenarena, is een handig hulpmiddel om de activiteiten en effecten in kaart te brengen. Het onderstaande voorbeeld (van een buurtsportcoach aangepast sporten) kan je op weg helpen. Meer informatie is te vinden op instrumentenwijzer.nl


De buurtsportcoach wordt ingezet om meer mensen in de buurt te laten sporten en bewegen en zo gezonder maken. Dat zijn de uiteindelijke doelstellingen, die ook wel eindeffecten worden genoemd. Het directe effect dat een buurtsportcoach daarop heeft, is beperkt.

Buurtsportcoaches werken veel samen met sportverenigingen, scholen, gezondheidszorg en andere organisaties en initiatieven. Binnen die samenwerkingen hebben buurtsportcoaches een direct effect op de betrokken partijen.

Al die organisaties hebben gezamenlijk, via indirecte effecten, invloed op het bereiken van het grotere einddoel. Dat geldt voor buurtsportcoaches, maar ook voor verenigingen, onderwijs, zorgprofessionals en de initiatieven die in de buurt worden opgestart.

Beleidsdoelstellingen van gemeenten richten zich vaak op eindeffecten. Het is dus belangrijk om via monitoring te laten zien dat buurtsportcoaches daar op een indirecte manier aan bijdragen.

Indirecte bijdrage aan eindeffect
1. Creëer overzicht in activiteiten en effecten

Monitoren begint bij het bepalen van de activiteiten waarvan je de effecten wilt meten. Om daar keuzes in te maken, is het belangrijk om allereerst overzicht te krijgen. Wat zijn onze activiteiten en welke effecten leveren die op? Dit is voor (teamleiders) buurtsportcoaches soms een lastige vraag. Als buurtsportcoach heb je te maken met veel verschillende activiteiten die vaak indirect bijdragen aan bepaalde effecten.

Een ‘effectenopstelling’, zoals de Effectenarena, is een handig hulpmiddel om de activiteiten en effecten in kaart te brengen. Het onderstaande voorbeeld (van een buurtsportcoach aangepast sporten) kan je op weg helpen. Meer informatie is te vinden op instrumentenwijzer.nl

Hulpmiddel: Effectenarena

Stel jezelf ook de vraag: wanneer is mijn eigen inzet een succes? Is het bereiken van je eigen (in)directe effecten voldoende? Of voel je jezelf verantwoordelijk voor het eindeffect, ook al heb je daar niet alle invloed op?

Wanneer succesvol?
Veelheid aan activiteiten

Activiteiten en (beoogde) effecten bundelen of groeperen is een belangrijke eerste stap. Bepaal samen met de gemeente waar je de focus op wilt leggen. Wat wil je echt weten? Wil je achterhalen welke activiteiten het grootste effect hebben? Of welke werkzaamheden het meest bijdragen aan de doelstelling van de gemeente? Is er twijfel bij jezelf of bij anderen over of een bepaald effect wel of niet bereikt wordt? 

Dan kun je er voor kiezen om de monitoring daar op te richten. Een andere optie is om bijvoorbeeld jaarlijks te monitoren en steeds andere soorten effecten te meten.

Buurtsportcoaches richten zich op verschillende activiteiten, die uiteenlopende effecten hebben. Daardoor kan het een uitdaging zijn om via monitoring de resultaten concreet te laten zien.

Focus bepalen

De buurtsportcoach wordt ingezet om meer mensen in de buurt te laten sporten en bewegen en zo gezonder maken. Dat zijn de uiteindelijke doelstellingen, die ook wel eindeffecten worden genoemd. Het directe effect dat een buurtsportcoach daarop heeft, is beperkt.

Buurtsportcoaches werken veel samen met sportverenigingen, scholen, gezondheidszorg en andere organisaties en initiatieven. Binnen die samenwerkingen hebben buurtsportcoaches een direct effect op de betrokken partijen.

Al die organisaties hebben gezamenlijk, via indirecte effecten, invloed op het bereiken van het grotere einddoel. Dat geldt voor buurtsportcoaches, maar ook voor verenigingen, onderwijs, zorgprofessionals en de initiatieven die in de buurt worden opgestart.

Beleidsdoelstellingen van gemeenten richten zich vaak op eindeffecten. Het is dus belangrijk om via monitoring te laten zien dat buurtsportcoaches daar op een indirecte manier aan bijdragen.

Indirecte bijdrage aan eindeffect