Zeeuws Brede Screening: In Zeeland vindt de Zeeuws Brede Screening plaats. Hier gaat het om het in kaart brengen van de motorische ontwikkeling en het beweeggedrag van kinderen. Bij deze screening werken meerdere partijen in een regio samen, zoals de sport- en beweegaanbieder, de school (vak-/leerkracht), JGZ-professional en de gemeente (buurtsportcoach). Klik hier voor meer informatie over de Zeeuws Brede Screening.

Er zijn veel verschillende motorische testen en leerlingvolgsystemen beschikbaar. De keuze voor welke test is onder meer afhankelijk van het beoogde doel.

De Koninklijke Vereniging voor Lichamelijke Opvoeding (KVLO) ontwikkelde samen met experts een keuzewijzer met leerlingvolgsystemen en motorische testen voor het volgen van leerlingen in hun beweegontwikkeling.

Daarnaast heeft Mulier Instituut een overzicht gemaakt van de meest gebruikte meetinstrumenten voor motorische vaardigheden in Nederland, waarbij de meetinstrumenten door een expertgroep zijn beoordeeld op kwaliteit en toepasbaarheid.

Goede voorbeelden van de inzet van motorisch testen

Ondersteuningsroute bewegen en motoriek: In Amsterdam is de ondersteuningsroute bewegen en motoriek ontwikkeld voor kinderen met een motorische achterstand. De ondersteuningsroute begint met het afnemen van een motorische test bij alle kinderen uit groep 3 naar motorische vaardigheden en het vaststellen van een mogelijke achterstand. Als gesignaleerd wordt dat de motoriek van een kind achterblijft, dan kan passende ondersteuning en zorg aangeboden worden. Deze kinderen kunnen vroegtijdig worden begeleid vanuit verschillende specialismen. De vakleerkracht bewegingsonderwijs, intern begeleider, groepsdocent, ouders, jeugdarts en fysiotherapeut hebben elk hun eigen rol.

Welke test is passend?
Goede voorbeelden van motorisch testen

Meetinstrumenten kunnen voor verschillende doelen worden ingezet. Belangrijk voor de inzet van een motorische test is inzichtelijk te hebben wat het beoogde doel is van het testen en welk vervolg er gegeven wordt aan de testresultaten.                               

Mogelijke doelen:                                                                                                   

  • Screenen: Op een bepaald moment/eenmalig het motorische vaardigheidsniveau vast te stellen. Op basis van een motorische test kan bijvoorbeeld de mate van en/of de aard van de achterstand worden bepaald of juist een bepaald motorisch potentieel worden vastgesteld, zodat hierop passend aanbod op kan volgen.                                                      
  • Monitoren: Inzicht geven in de ontwikkeling van motorische vaardigheden.
  • Benchmarken: Vergelijken van motorische vaardigheid van leerlingen uit verschillende klassen, scholen, wijken of gemeenten met elkaar.
  • Evalueren: het meten van het effect van een bepaalde interventie of programma dat de motorische vaardigheden wil verbeteren. Dit betekent het meten op minimaal twee momenten.                                        
Wat is het doel van het motorisch testen?

Om een goed beweegaanbod te creëren voor alle kinderen en ook de ontwikkeling op beweeggebied goed te volgen is het belangrijk om een passende test of een leerlingvolgsysteem in te zetten. Scholen kunnen (eventueel onder impuls van de gemeente) een meetinstrument voor motorische vaardigheden inzetten om in kaart te brengen welke kinderen ondersteund moeten worden in hun motorische ontwikkeling en op welke aspecten de ondersteuning zich zou moeten richten.

Motorisch Testen
Meer inspiratie om een dynamische schooldag te implementeren: 

Werk samen met partners uit de wijk zoals buurtsportcoaches en sportverenigingen aan structureel sport- en beweegaanbod na schooltijd. Het is belangrijk om daarbij te kijken naar de diverse behoeftes van verschillende groepen kinderen. Het doel van goed naschools aanbod is enerzijds kinderen kennis laten maken met een breed scala aan sport- en beweegmogelijkheden, maar ook structurele doorstroom naar sportverenigingen en aanbod in de wijk. Er zijn verschillende platformen voor lokale sport- en beweegaanbieders waar aanbod en vraag samen komen. 

Goede voorbeelden van naschools aanbod

  • Sportmatch: zoek, boek en beweeg! Sportmatch is een digitaal programma vanuit NOC*NSF waarbij kinderen lokale sportactiviteiten kunnen boeken. Met Sportmatch wordt vraag en aanbod samen gebracht. Voor inwoners, sportclubs en gemeenten en sportbonden. Zie bijvoorbeeld gemeente Deventer dat samenwerkt met Sportmatch: Sport in Deventer.
  • Sjors Sportief: Ontdek je talent! Platform voor lokaal sportaanbod voor het basisonderwijs. Het volledige gemeentelijke aanbod wordt gepresenteerd in een kleurrijk boekje en online. Alle basisschoolkinderen uit de gemeente krijgen deze boekjes uitgereikt en kunnen zo het lokale sportaanbod gemakkelijk vinden. Zie bijvoorbeeld gemeente Haarlemmermeer met Sjors Sportief en Creatief.
  • Schoolsportvereniging: Binnen dit concpet werken scholen en sportverenigingen samen om het sportaanbod dichter bij de woon- en leefomgeving van de kinderen te brengen met als ultiem doel structureel en duurzaam sporten middels een lidmaatschap bij een sportvereniging.
Naschools aanbod
Waar vind ik inspiratie voor bewegend leren?  
Verdiepende informatie

Fit en Vaardig op school (Fit en Vaardig) is een erkend programma dat fysieke activiteit in reken- en spellinglessen integreert (bewegend leren). Het doel is om reken- en spellingvaardigheden van leerlingen in het basisonderwijs te verbeteren door middel van bewegen. 

Goede voorbeelden van bewegend leren

Er zijn veel plekken waar voorbeelden van bewegend leren te vinden zijn, maar een goed overzicht ontbreekt nog. Mulier instituut en Kenniscentrum Sport & Bewegen werken aan een onafhankelijk platform waar goede voorbeelden te vinden zijn.

Bij bewegend leren wordt bewegen met leren gecombineerd. Door beweging toe te voegen wordt het zitten onderbroken, en de betrokkenheid van kinderen verhoogt. Er zijn twee vormen van bewegend leren: bewegen tijdens het leren en bewegen om te leren.

Bij bewegen tijdens het leren, beweeg je letterlijk tijdens het leren maar de beweging heeft geen relatie met de leerstof. Bij leertaken kunnen kinderen bijvoorbeeld staan, wandelen, hinkelen of een estafettespel doen. Bij bewegen om te leren versterkt/ondersteunt de beweging juist het leren zoals bij het stuiteren van een bal bij automatiseren van tafels. 

Het goed aanbieden van bewegend leren-activiteiten is complex. De beweging mag bijvoorbeeld niet te moeilijk zijn om het werkgeheugen niet te overbelasten. Ook het op maat maken op niveau kan ingewikkeld zijn. Goede kennis van werkvormen en uitvoering (training/ scholing) voor leerkrachten is belangrijk.

Bewegend Leren
Goede voorbeelden van energizers: 

Een eenvoudig concept dat toegepast kan worden op elke basisschool is de Daily Mile. Dagelijks onderbreken kinderen de dag of les om 15 minuten in hun eigen tempo een rondje te rennen of joggen. Niet alleen goed voor het dagelijks bewegen, maar ook hun conditie, concentratieniveau, stemming, gedrag en algehele welzijn kan vooruitgaan. Al meer dan 600 scholen in Nederland doen mee. 

Een andere mogelijkheid zijn ‘energizers’, oftewel ‘beweegbreaks’. Energizers zijn korte, intensieve beweegactiviteiten die relatief gemakkelijk te integreren zijn tussen de lessen. Energizers zorgen voor een onderbreking van zitten en voor meer beweging bij kinderen tijdens de schooldag. Ook ervaren kinderen en leerkrachten meer plezier in de klas en kunnen energizers zorgen voor een betere aandacht, concentratie en taakgerichtheid van kinderen. Leerkrachten kunnen meegaan met het ritme van de kinderen. Bij het ontbreken van energie biedt je een actieve energizer aan. Is er veel onrust in de klas kunnen ontspanningsoefeningen een uitkomst bieden.

Energizers 
Goede voorbeelden van actieve buitenpauzes  

De erkende interventies Beweeg Wijs en PLAYgrounds helpen de school meer en vaardig bewegen op een pedagogische manier te stimuleren. Playgrounds is hierbij vooral gericht op juist de kinderen die normaal minder aan bewegen toekomen op het plein.

In Arnhem is een Skills box ontwikkeld voor alle basisscholen in Arnhem. Deze Skills box is een kar vol sport- en spelmaterialen die tijdens de pauzes en naschoolse activiteiten op het schoolplein gebruikt kan worden om kinderen te stimuleren meer te bewegen.

De buitenspeelpauze is een moment om alle kinderen te stimuleren om meer en intensiever te bewegen op hun eigen niveau door specifieke begeleiding, het aanpassen van het plein en aanbieden van het juiste materiaal.

Actieve buitenpauzes 

Zittend leren kan goed worden afgewisseld met een bewegende of andere activiteit. Dit kunnen actieve pauzes zijn, bewegingsonderwijs, drama of dans, maar ook bijvoorbeeld een energizer.

Bewegen tussen leren 

Klik hier voor de scan bewegingsonderwijs van de KVLO om inzicht te krijgen van de kwaliteit van bewegingsonderwijs op jouw school.

Voldoende en kwalitatief goede lessen bewegingsonderwijs zijn een belangrijk basis voor met plezier vaardig leren bewegen. Het liefst al vanaf de kleuters begeleid door een vakdocent. Wettelijk is vastgesteld dat vanaf 2023 kinderen vanaf groep drie wekelijks twee lesuren bewegingsonderwijs krijgen.

De subsidieregeling Impuls en Innovatie Bewegingsonderwijs van het ministerie van OCW ondersteunt scholen om deze wettelijke verplichting voor bewegingsonderwijs vanaf schooljaar 2023/2024 te kunnen realiseren (deel A). Scholen die al aan deze verplichting voldoen, kunnen deze subsidie gebruiken om meer bewegen tijdens de schooldag te gaan realiseren (deel B). De Koninklijke Vereniging voor Lichamelijke Opvoeding (KVLO) ondersteunt scholen met praktische informatie voor goed bewegingsonderwijs en biedt ondersteuning aan scholen om aan de wettelijke verplichting voor bewegingsonderwijs te voldoen. Meer informatie over impuls bewegingsonderwijs.

Beter leren bewegen

Het centrale doel van bewegingsonderwijs is dat kinderen de basis leren van belangrijkste beweeg- en spelvormen (leren bewegen), en leren op een goede manier deel te nemen aan de bewegingscultuur. De exacte kerndoelen staan beschreven op de website van Stichting Leerplan Ontwikkeling (SLO).

Een schoolgebouw en ook de inrichting van de klaslokalen kan bewegen stimuleren.

Schoolinrichting

Het stimuleren van ouders, kinderen en ook leerkrachten om met de fiets of lopend naar school te komen is een mooie manier om een gezonde gewoonte aan te leren. Om dit voor elkaar te krijgen vraagt dit wel een analyse van de omgeving van de school, en het faciliteren van routes van en naar school. Er bestaan diverse programma’s die ervoor zorgen dat kinderen vaker met de fiets naar school komen. Bijvoorbeeld het programma de schoolstraat stimuleert scholen, gemeenten en provincies om een veilige schoolomgeving en schoolroutes in te richten. Het doel is dat ouders hun kinderen vaker met de fiets naar school brengen, of ze zelf naar school laten fietsen.

Actief transport van en naar school 
Schoolplein 

Om een start te maken met het beweegvriendelijker inrichten van het schoolplein, de schoolzone of de routes naar school is er de Schoolpleinscan. De Schoolpleinscan maakt het mogelijk om samen met collega’s of betrokkenen een schoolplein en de omgeving te beoordelen op basis van beweegvriendelijkheid. Worden de kinderen voldoende uitgedaagd en gefaciliteerd om te bewegen en te sporten en waar liggen er kansen om dat te verbeteren? De Schoolpleinscan is te vinden als onderdeel van de BVO-scan.

Het schoolplein is een favoriete plek voor zowel spelen, beweging en ontspanning, maar ook een plek waar buitenles gegeven kan worden. Een beweegstimulerend, groen schoolplein heeft een positieve invloed op de gezondheid, het welbevinden en de concentratie van de leerlingen. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat na vergroening van het schoolplein kinderen meer en actiever op het schoolplein spelen tijdens pauzes.

Inrichting fysieke ruimte: Schoolplein en school zelf 

Een programma dat onderwijsprofessionals helpt om een gezonde leefstijl op school vanzelfsprekend te maken. Hiervoor biedt de Gezonde School een overkoepelende aanpak op verschillende leefstijlthema's. Per gezondheidsthema werk je aan de vier pijlers van Gezonde School waarbij Gezonde school per pijler ondersteuning biedt in de vorm van stappenplannen, toolkits, advies en inspiratie.

De vier pijlers zijn:

  • Educatie: Besteed als school structureel aandacht aan het gezondheidsthema in de lessen. Denk bijvoorbeeld aan bewegend leren.
  • Schoolomgeving: Pas de fysieke en sociale omgeving van de school aan om gezond gedrag te stimuleren. Denk aan de inrichting van het schoolplein of afspraken met de supermarkten in de wijk.
  • Signaleren: Wees hier samen met collega's (leraren én andere schoolmedewerkers) alert op problemen onder leerlingen en zorg met collega's dat jullie goed op signalen reageren, bijvoorbeeld door te verwijzen naar passende hulp.

  • Beleid: Leg maatregelen voor gezondheidsbevordering vast in het schoolbeleid. Zo blijft het onderwerp onder de aandacht.

Door het Gezonde school programma te doorlopen kunnen scholen een Gezonde School vignet verdienen - o.a. het vignet Bewegen en Sport. Dit is een kwaliteitskeurmerk voor scholen die werken aan het verbeteren van de gezondheid van hun leerlingen door meer en beter bewegen in en om school. 

Tools, stappenplannen en inspiratie vanuit de gezonde school

Gezonde School
2+1+2

Een overkoepelend beweegconcept dat inzet op meer en beter leren bewegen voor kinderen in het primair onderwijs, is het van oorsprong Arnhemse model 2+1+2. Het model is een kapstok voor de richtlijn van 5 uur bewegen voor kinderen en biedt een handvat voor verschillende instanties om interventies in te zetten.

De eerste +2 bestaat uit 2 uur bewegingsonderwijs (2x 45 minuten) waar alle basisscholen vanuit het amendement Heerema en Van Nispen in 2023 aan moeten voldoen. De +1 staat voor extra bewegen onder schooltijd om een dynamische schooldag mogelijk te maken, zoals actief transport, bewegend leren, extra beweegmomenten, of gestructureerd pauze-aanbod. De tweede +2 staat voor twee uur georganiseerd aanbod dat aan leerlingen na schooltijd wordt aangeboden, zoals naschools beweegaanbod, samenwerking met sportverenigingen, of aanbod zoals dat bijvoorbeeld mogelijk kan zijn bij een rijke schooldag.

De organisatie van 2+1+2 wordt uitgevoerd door Beweegteams die op maat samengesteld worden per wijk en bestaan uit professionals op het gebied van bewegen en gezondheid. De vakleerkracht(en), de sportbuurtcoach en overige betrokken partijen werken samen aan een beweegprogramma op maat in en rondom school.

Hoe maak je een schooldag actiever?

Regelmatige afwisseling tussen zittend leren en bewegen zorgt ervoor dat kinderen naast cognitieve inspanning ook voldoende beweging, ontspanning en sociale momenten hebben. Om sport en bewegen onderdeel van de hele schooldag te maken, zetten we de belangrijkste bouwstenen van een actieve of dynamische schooldag voor je op een rij.

Direct naar:

Handreiking voor het stimuleren van meer en beter bewegen op lokaal niveau

De voordelen van sport en bewegen voor kinderen en jongeren op school zijn duidelijk aangetoond, maar toch is zittend onderwijs te vaak nog de norm. Er liggen talloze kansen om, naast de gymles, meer bewegen op school te integreren. Scholen kunnen bijvoorbeeld inzetten op leerlingen stimuleren om lopend of fietsend naar school te komen, kort bewegen als tussendoortje tijdens de les, bewegen tijdens het leren, in de pauze, of na schooltijd. Er zijn tal van goede voorbeelden om meer bewegen in en om school te stimuleren, zoals 2+1+2, de Gezonde School, een dynamische schooldag, en het monitoren van motorische ontwikkeling door middel van motorische testen. Hieronder volgen tips en goede voorbeelden om meer in te zetten op bewegen in en om school.

1.3 Hoe kan je op het PO meer en beter bewegen stimuleren? 

Zeeuws Brede Screening: In Zeeland vindt de Zeeuws Brede Screening plaats. Hier gaat het om het in kaart brengen van de motorische ontwikkeling en het beweeggedrag van kinderen. Bij deze screening werken meerdere partijen in een regio samen, zoals de sport- en beweegaanbieder, de school (vak-/leerkracht), JGZ-professional en de gemeente (buurtsportcoach). Klik hier voor meer informatie over de Zeeuws Brede Screening.

Er zijn veel verschillende motorische testen en leerlingvolgsystemen beschikbaar. De keuze voor welke test is onder meer afhankelijk van het beoogde doel.

De Koninklijke Vereniging voor Lichamelijke Opvoeding (KVLO) ontwikkelde samen met experts een keuzewijzer met leerlingvolgsystemen en motorische testen voor het volgen van leerlingen in hun beweegontwikkeling.

Daarnaast heeft Mulier Instituut een overzicht gemaakt van de meest gebruikte meetinstrumenten voor motorische vaardigheden in Nederland, waarbij de meetinstrumenten door een expertgroep zijn beoordeeld op kwaliteit en toepasbaarheid.

Goede voorbeelden van de inzet van motorisch testen

Ondersteuningsroute bewegen en motoriek: In Amsterdam is de ondersteuningsroute bewegen en motoriek ontwikkeld voor kinderen met een motorische achterstand. De ondersteuningsroute begint met het afnemen van een motorische test bij alle kinderen uit groep 3 naar motorische vaardigheden en het vaststellen van een mogelijke achterstand. Als gesignaleerd wordt dat de motoriek van een kind achterblijft, dan kan passende ondersteuning en zorg aangeboden worden. Deze kinderen kunnen vroegtijdig worden begeleid vanuit verschillende specialismen. De vakleerkracht bewegingsonderwijs, intern begeleider, groepsdocent, ouders, jeugdarts en fysiotherapeut hebben elk hun eigen rol.

Welke test is passend?
Goede voorbeelden van motorisch testen

Meetinstrumenten kunnen voor verschillende doelen worden ingezet. Belangrijk voor de inzet van een motorische test is inzichtelijk te hebben wat het beoogde doel is van het testen en welk vervolg er gegeven wordt aan de testresultaten.                               

Mogelijke doelen:                                                                                                   

  • Screenen: Op een bepaald moment/eenmalig het motorische vaardigheidsniveau vast te stellen. Op basis van een motorische test kan bijvoorbeeld de mate van en/of de aard van de achterstand worden bepaald of juist een bepaald motorisch potentieel worden vastgesteld, zodat hierop passend aanbod op kan volgen.                                                      
  • Monitoren: Inzicht geven in de ontwikkeling van motorische vaardigheden.
  • Benchmarken: Vergelijken van motorische vaardigheid van leerlingen uit verschillende klassen, scholen, wijken of gemeenten met elkaar.
  • Evalueren: het meten van het effect van een bepaalde interventie of programma dat de motorische vaardigheden wil verbeteren. Dit betekent het meten op minimaal twee momenten.                                        
Wat is het doel van het motorisch testen?

Om een goed beweegaanbod te creëren voor alle kinderen en ook de ontwikkeling op beweeggebied goed te volgen is het belangrijk om een passende test of een leerlingvolgsysteem in te zetten. Scholen kunnen (eventueel onder impuls van de gemeente) een meetinstrument voor motorische vaardigheden inzetten om in kaart te brengen welke kinderen ondersteund moeten worden in hun motorische ontwikkeling en op welke aspecten de ondersteuning zich zou moeten richten.

Motorisch Testen
Meer inspiratie om een dynamische schooldag te implementeren: 

Werk samen met partners uit de wijk zoals buurtsportcoaches en sportverenigingen aan structureel sport- en beweegaanbod na schooltijd. Het is belangrijk om daarbij te kijken naar de diverse behoeftes van verschillende groepen kinderen. Het doel van goed naschools aanbod is enerzijds kinderen kennis laten maken met een breed scala aan sport- en beweegmogelijkheden, maar ook structurele doorstroom naar sportverenigingen en aanbod in de wijk. Er zijn verschillende platformen voor lokale sport- en beweegaanbieders waar aanbod en vraag samen komen. 

Goede voorbeelden van naschools aanbod

  • Sportmatch: zoek, boek en beweeg! Sportmatch is een digitaal programma vanuit NOC*NSF waarbij kinderen lokale sportactiviteiten kunnen boeken. Met Sportmatch wordt vraag en aanbod samen gebracht. Voor inwoners, sportclubs en gemeenten en sportbonden. Zie bijvoorbeeld gemeente Deventer dat samenwerkt met Sportmatch: Sport in Deventer.
  • Sjors Sportief: Ontdek je talent! Platform voor lokaal sportaanbod voor het basisonderwijs. Het volledige gemeentelijke aanbod wordt gepresenteerd in een kleurrijk boekje en online. Alle basisschoolkinderen uit de gemeente krijgen deze boekjes uitgereikt en kunnen zo het lokale sportaanbod gemakkelijk vinden. Zie bijvoorbeeld gemeente Haarlemmermeer met Sjors Sportief en Creatief.
  • Schoolsportvereniging: Binnen dit concpet werken scholen en sportverenigingen samen om het sportaanbod dichter bij de woon- en leefomgeving van de kinderen te brengen met als ultiem doel structureel en duurzaam sporten middels een lidmaatschap bij een sportvereniging.
Naschools aanbod
Waar vind ik inspiratie voor bewegend leren?  
Verdiepende informatie

Fit en Vaardig op school (Fit en Vaardig) is een erkend programma dat fysieke activiteit in reken- en spellinglessen integreert (bewegend leren). Het doel is om reken- en spellingvaardigheden van leerlingen in het basisonderwijs te verbeteren door middel van bewegen. 

Goede voorbeelden van bewegend leren

Er zijn veel plekken waar voorbeelden van bewegend leren te vinden zijn, maar een goed overzicht ontbreekt nog. Mulier instituut en Kenniscentrum Sport & Bewegen werken aan een onafhankelijk platform waar goede voorbeelden te vinden zijn.

Bij bewegend leren wordt bewegen met leren gecombineerd. Door beweging toe te voegen wordt het zitten onderbroken, en de betrokkenheid van kinderen verhoogt. Er zijn twee vormen van bewegend leren: bewegen tijdens het leren en bewegen om te leren.

Bij bewegen tijdens het leren, beweeg je letterlijk tijdens het leren maar de beweging heeft geen relatie met de leerstof. Bij leertaken kunnen kinderen bijvoorbeeld staan, wandelen, hinkelen of een estafettespel doen. Bij bewegen om te leren versterkt/ondersteunt de beweging juist het leren zoals bij het stuiteren van een bal bij automatiseren van tafels. 

Het goed aanbieden van bewegend leren-activiteiten is complex. De beweging mag bijvoorbeeld niet te moeilijk zijn om het werkgeheugen niet te overbelasten. Ook het op maat maken op niveau kan ingewikkeld zijn. Goede kennis van werkvormen en uitvoering (training/ scholing) voor leerkrachten is belangrijk.

Bewegend Leren
Goede voorbeelden van energizers: 

Een eenvoudig concept dat toegepast kan worden op elke basisschool is de Daily Mile. Dagelijks onderbreken kinderen de dag of les om 15 minuten in hun eigen tempo een rondje te rennen of joggen. Niet alleen goed voor het dagelijks bewegen, maar ook hun conditie, concentratieniveau, stemming, gedrag en algehele welzijn kan vooruitgaan. Al meer dan 600 scholen in Nederland doen mee. 

Een andere mogelijkheid zijn ‘energizers’, oftewel ‘beweegbreaks’. Energizers zijn korte, intensieve beweegactiviteiten die relatief gemakkelijk te integreren zijn tussen de lessen. Energizers zorgen voor een onderbreking van zitten en voor meer beweging bij kinderen tijdens de schooldag. Ook ervaren kinderen en leerkrachten meer plezier in de klas en kunnen energizers zorgen voor een betere aandacht, concentratie en taakgerichtheid van kinderen. Leerkrachten kunnen meegaan met het ritme van de kinderen. Bij het ontbreken van energie biedt je een actieve energizer aan. Is er veel onrust in de klas kunnen ontspanningsoefeningen een uitkomst bieden.

Energizers 
Goede voorbeelden van actieve buitenpauzes  

De erkende interventies Beweeg Wijs en PLAYgrounds helpen de school meer en vaardig bewegen op een pedagogische manier te stimuleren. Playgrounds is hierbij vooral gericht op juist de kinderen die normaal minder aan bewegen toekomen op het plein.

In Arnhem is een Skills box ontwikkeld voor alle basisscholen in Arnhem. Deze Skills box is een kar vol sport- en spelmaterialen die tijdens de pauzes en naschoolse activiteiten op het schoolplein gebruikt kan worden om kinderen te stimuleren meer te bewegen.

De buitenspeelpauze is een moment om alle kinderen te stimuleren om meer en intensiever te bewegen op hun eigen niveau door specifieke begeleiding, het aanpassen van het plein en aanbieden van het juiste materiaal.

Actieve buitenpauzes 

Zittend leren kan goed worden afgewisseld met een bewegende of andere activiteit. Dit kunnen actieve pauzes zijn, bewegingsonderwijs, drama of dans, maar ook bijvoorbeeld een energizer.

Bewegen tussen leren 

Klik hier voor de scan bewegingsonderwijs van de KVLO om inzicht te krijgen van de kwaliteit van bewegingsonderwijs op jouw school.

Voldoende en kwalitatief goede lessen bewegingsonderwijs zijn een belangrijk basis voor met plezier vaardig leren bewegen. Het liefst al vanaf de kleuters begeleid door een vakdocent. Wettelijk is vastgesteld dat vanaf 2023 kinderen vanaf groep drie wekelijks twee lesuren bewegingsonderwijs krijgen.

De subsidieregeling Impuls en Innovatie Bewegingsonderwijs van het ministerie van OCW ondersteunt scholen om deze wettelijke verplichting voor bewegingsonderwijs vanaf schooljaar 2023/2024 te kunnen realiseren (deel A). Scholen die al aan deze verplichting voldoen, kunnen deze subsidie gebruiken om meer bewegen tijdens de schooldag te gaan realiseren (deel B). De Koninklijke Vereniging voor Lichamelijke Opvoeding (KVLO) ondersteunt scholen met praktische informatie voor goed bewegingsonderwijs en biedt ondersteuning aan scholen om aan de wettelijke verplichting voor bewegingsonderwijs te voldoen. Meer informatie over impuls bewegingsonderwijs.

Beter leren bewegen

Het centrale doel van bewegingsonderwijs is dat kinderen de basis leren van belangrijkste beweeg- en spelvormen (leren bewegen), en leren op een goede manier deel te nemen aan de bewegingscultuur. De exacte kerndoelen staan beschreven op de website van Stichting Leerplan Ontwikkeling (SLO).

Een schoolgebouw en ook de inrichting van de klaslokalen kan bewegen stimuleren.

Schoolinrichting

Het stimuleren van ouders, kinderen en ook leerkrachten om met de fiets of lopend naar school te komen is een mooie manier om een gezonde gewoonte aan te leren. Om dit voor elkaar te krijgen vraagt dit wel een analyse van de omgeving van de school, en het faciliteren van routes van en naar school. Er bestaan diverse programma’s die ervoor zorgen dat kinderen vaker met de fiets naar school komen. Bijvoorbeeld het programma de schoolstraat stimuleert scholen, gemeenten en provincies om een veilige schoolomgeving en schoolroutes in te richten. Het doel is dat ouders hun kinderen vaker met de fiets naar school brengen, of ze zelf naar school laten fietsen.

Actief transport van en naar school 
Schoolplein 

Om een start te maken met het beweegvriendelijker inrichten van het schoolplein, de schoolzone of de routes naar school is er de Schoolpleinscan. De Schoolpleinscan maakt het mogelijk om samen met collega’s of betrokkenen een schoolplein en de omgeving te beoordelen op basis van beweegvriendelijkheid. Worden de kinderen voldoende uitgedaagd en gefaciliteerd om te bewegen en te sporten en waar liggen er kansen om dat te verbeteren? De Schoolpleinscan is te vinden als onderdeel van de BVO-scan.

Het schoolplein is een favoriete plek voor zowel spelen, beweging en ontspanning, maar ook een plek waar buitenles gegeven kan worden. Een beweegstimulerend, groen schoolplein heeft een positieve invloed op de gezondheid, het welbevinden en de concentratie van de leerlingen. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat na vergroening van het schoolplein kinderen meer en actiever op het schoolplein spelen tijdens pauzes.

Inrichting fysieke ruimte: Schoolplein en school zelf 
Hoe maak je een schooldag actiever?

Regelmatige afwisseling tussen zittend leren en bewegen zorgt ervoor dat kinderen naast cognitieve inspanning ook voldoende beweging, ontspanning en sociale momenten hebben. Om sport en bewegen onderdeel van de hele schooldag te maken, zetten we de belangrijkste bouwstenen van een actieve of dynamische schooldag voor je op een rij.

Een programma dat onderwijsprofessionals helpt om een gezonde leefstijl op school vanzelfsprekend te maken. Hiervoor biedt de Gezonde School een overkoepelende aanpak op verschillende leefstijlthema's. Per gezondheidsthema werk je aan de vier pijlers van Gezonde School waarbij Gezonde school per pijler ondersteuning biedt in de vorm van stappenplannen, toolkits, advies en inspiratie.

De vier pijlers zijn:

  • Educatie: Besteed als school structureel aandacht aan het gezondheidsthema in de lessen. Denk bijvoorbeeld aan bewegend leren.
  • Schoolomgeving: Pas de fysieke en sociale omgeving van de school aan om gezond gedrag te stimuleren. Denk aan de inrichting van het schoolplein of afspraken met de supermarkten in de wijk.
  • Signaleren: Wees hier samen met collega's (leraren én andere schoolmedewerkers) alert op problemen onder leerlingen en zorg met collega's dat jullie goed op signalen reageren, bijvoorbeeld door te verwijzen naar passende hulp.

  • Beleid: Leg maatregelen voor gezondheidsbevordering vast in het schoolbeleid. Zo blijft het onderwerp onder de aandacht.

Door het Gezonde school programma te doorlopen kunnen scholen een Gezonde School vignet verdienen - o.a. het vignet Bewegen en Sport. Dit is een kwaliteitskeurmerk voor scholen die werken aan het verbeteren van de gezondheid van hun leerlingen door meer en beter bewegen in en om school. 

Tools, stappenplannen en inspiratie vanuit de gezonde school

Gezonde School
2+1+2

Een overkoepelend beweegconcept dat inzet op meer en beter leren bewegen voor kinderen in het primair onderwijs, is het van oorsprong Arnhemse model 2+1+2. Het model is een kapstok voor de richtlijn van 5 uur bewegen voor kinderen en biedt een handvat voor verschillende instanties om interventies in te zetten.

De eerste +2 bestaat uit 2 uur bewegingsonderwijs (2x 45 minuten) waar alle basisscholen vanuit het amendement Heerema en Van Nispen in 2023 aan moeten voldoen. De +1 staat voor extra bewegen onder schooltijd om een dynamische schooldag mogelijk te maken, zoals actief transport, bewegend leren, extra beweegmomenten, of gestructureerd pauze-aanbod. De tweede +2 staat voor twee uur georganiseerd aanbod dat aan leerlingen na schooltijd wordt aangeboden, zoals naschools beweegaanbod, samenwerking met sportverenigingen, of aanbod zoals dat bijvoorbeeld mogelijk kan zijn bij een rijke schooldag.

De organisatie van 2+1+2 wordt uitgevoerd door Beweegteams die op maat samengesteld worden per wijk en bestaan uit professionals op het gebied van bewegen en gezondheid. De vakleerkracht(en), de sportbuurtcoach en overige betrokken partijen werken samen aan een beweegprogramma op maat in en rondom school.

Direct naar:

Handreiking voor het stimuleren van meer en beter bewegen op lokaal niveau

De voordelen van sport en bewegen voor kinderen en jongeren op school zijn duidelijk aangetoond, maar toch is zittend onderwijs te vaak nog de norm. Er liggen talloze kansen om, naast de gymles, meer bewegen op school te integreren. Scholen kunnen bijvoorbeeld inzetten op leerlingen stimuleren om lopend of fietsend naar school te komen, kort bewegen als tussendoortje tijdens de les, bewegen tijdens het leren, in de pauze, of na schooltijd. Er zijn tal van goede voorbeelden om meer bewegen in en om school te stimuleren, zoals 2+1+2, de Gezonde School, een dynamische schooldag, en het monitoren van motorische ontwikkeling door middel van motorische testen. Hieronder volgen tips en goede voorbeelden om meer in te zetten op bewegen in en om school.

1.3 Hoe kan je op het PO meer en beter bewegen stimuleren?