Terug naar de inhoudsopgave?

Doping

Stree en Chua (2018) halen in hun artikel een interview aan uit 2015 met esporter Kory “Semphis” Friesen. Hij zei dat zijn gehele team Adderall gebruikte. Oud-wereldkampioen Call of Duty Adam “KiLLa” Sloss zegt het volgende over het gebruik van Adderall: Nobody talks about it because everyone is on it. Deze uitspraak zou er zelfs op duiden dat Adderall genormaliseerd is. Adderall bevat een combinatie van amfetamine zouten met inbegrip van dextroamphetamine en amfetamine. Deze drug fungeert als een stimulans van het centrale zenuwstelsel en draagt bij aan verhoogde aandacht, concentratie en focus. Antidoping maatregelen zijn daarom van belang net als het kijken naar opvoeding, preventie en controlesystemen. Daarom stelde de Esports Integrity Commissie ook een Anti-dopingcode op met verboden middelen waaronder Adderall en Ritalin.  

Over het algemeen is er nog maar beperkt onderzoek gedaan naar de effecten van competitief gamen op de fysieke gezondheid van de gamers. Er is een gebrek aan kennis over de (lange termijn) effecten van esports op blessures en de algemene fysieke gezondheid, terwijl deze gevaren inherent zijn aan het van nature lucratieve en competitieve systeem van esports (Lindberg  et al., 2020; DiFrancesco et al., 2019; Seiffert et al., 2019; Keyi Yin et al., 2020). Hoewel door velen esports als ongezond wordt gezien door het van nature sedentaire gedrag is er nog maar beperkt onderzoek die deze aanname ondersteunt of ontkracht (Kelly & Leung, 2021). Ook ontbreekt het nog aan medische richtlijnen hoe om te gaan met medische vraagstukken om blessures te voorkomen en genezen (Seiffert et al., 2020; DiFranceso et al., 2019).

Medische specialisten

Uit het al genoemde onderzoek van DiFrancesco et al.  (2019) blijkt dat slechts 2% van de spelers naar een gezondheidsspecialist gaat om naar de klachten te laten kijken. In esports is het nog niet de norm om een medisch team bij de staf te hebben, en kan het bij esportscoaches ontbreken aan basiskennis over blessures. Om de gezondheid van esports zo goed mogelijk te waarborgen ontwikkelde DiFrancesio et al. (2019) een esports medisch team model met daarin plek voor zes specialisten: voedingsdeskundige, oogspecialist, psycholoog, fysiotherapeut, fysieke trainer en een eerstelijns sportarts.

Herhalende activiteiten over een langere tijd kunnen vele hand- en pols blessures opleveren. Denk daarbij aan tintelen, overgevoeligheid, algemeen ongemak of slapheid. Het overmatig gebruik van vingers en handen kan resulteren in sportspecifieke blessures (Seiffert et al., 2020). 

De meest voorkomende klachten onder esporters zijn oogvermoeidheid (56%), nek- en rugklachten (42%), polsklachten (36%) en handklachten (32%) (DiFrancisco et al., 2019). Uit ander onderzoek onder 188 Deense esporters blijkt dat 42% last heeft van pijn aan de spieren en/of botten. Ook in dit onderzoek waren rug- en nekpijn de meeste gehoorde klachten. Lindberg et al. (2020) concludeerde uit dit onderzoek dat esporters met klachten over de spieren en/of botten significant minder gamen/trainen dan esporters zonder klachten. De pijn lijkt daarmee een negatief effect te hebben op de participeren in esports. Dit geeft aan dat esportsorganisaties er ook belang bij hebben om bewust bezig te zijn met de met de fysieke gesteldheid en klachten van hun spelers.

Veelvoorkomende blessures

Blessures

Net als traditionele topsporters kunnen ook blessures bij esporters ontstaan. Zo zijn er professionele spelers die soms een time-out moeten nemen of zelfs stoppen door blessures, zoals professioneel league of legends speler Jian “Uzi” Zi-Hao en professioneel Call of Duty speler Thomas “ZooMaa” Papratto

Deze blessures ontstaan door twee belangrijke eigenschappen van esports. Ten eerste verrichten esporters tussen 500 en 600 acties per minuut op hun keyboards, waardoor ze constant dezelfde fijn motorische bewegingen maken. Ten tweede zitten ze voor een lange tijd achter elkaar met vaak een slechte houding (Emara et al., 2020; Seiffert et al., 2020). 

Uit onderzoek onder 65 esporters van Amerikaanse en Canadese Universiteiten blijkt dat 15% van de spelers aangeeft dat zij 3 uur of zelfs meer gamen zonder te gaan staan of een pauze te nemen (DiFrancisco et al., 2019). Esporters kunnen het zich niet veroorloven om pauzes te nemen en games kunnen uren duren. Zelfs tussen toernooien houden ze hun vaardigheden op peil met vele uren gamen (Seiffert et al., 2020). 

Lichamelijke activiteit

Esporters zitten veel, omdat hun training ook vooral zittend plaatsvindt. Om vaardigheden te verbeteren zijn er vele uren aan oefening nodig om een bepaald niveau te bereiken. Bereik je een hoog niveau, dan weten esporters net als bijvoorbeeld topschakers en -dammers dat een goede lichamelijke fitheid en conditie bijdragen aan hun prestatie. 

Uit studie van Kari e.a. (2016) onder 118 van die top-esporters blijkt dat van de gemiddelde vijf uur en 28 minuten dagelijkse training, iets meer dan één uur bestaat uit lichamelijke oefeningen. Uit dat onderzoek blijkt ook dat meer dan de helft van de onderzochte esporters overtuigd is van het positieve effect op hun prestaties door het integreren van fysieke training in hun trainingsprogramma. Een ander geluid laat het onderzoek van Di Francisco-Donoghue e.a. (2019) horen. Zij zien dat 40% van de esporters van universiteitsteams niet deelneemt aan een of andere vorm van lichamelijke activiteit. 

Daarnaast gaven hun respondenten aan dat esporters in voorbereiding op competities tussen de 5,5 en 10 uur per dag trainen. De Nederlandse millennial besteedt bijna vijf uur per week aan gamen. De Nederlandse esports fans gamen gemiddeld tien uur per week. Topspelers zitten soms tot 16 uur per dag te spelen. Onderzoek van Nielsen (2017) onder 500 (post) millennials (14-35 jaar) laat zien dat 89% van de esports fans ook traditioneel sport. Ondanks dat deze millennials niet alleen maar achter het scherm zitten, zijn de gezondheidseffecten van te veel zitten niet zomaar met één of twee keer in de week sporten te compenseren. Het gaat dan om het vinden van de juiste balans tussen sedentaire activiteiten en fysiek actievere activiteiten.

Critici beweren dat esports ongezond is respectievelijk de fysieke fitheid aantast. Spelers kijken lange tijd naar beeldschermen en doen dit zittend. Hieronder een selectie van een aantal onderzoeken naar die bewering.

11. Esports en de fysieke
        gezondheid
Terug naar de inhoudsopgave?

Doping

Stree en Chua (2018) halen in hun artikel een interview aan uit 2015 met esporter Kory “Semphis” Friesen. Hij zei dat zijn gehele team Adderall gebruikte. Oud-wereldkampioen Call of Duty Adam “KiLLa” Sloss zegt het volgende over het gebruik van Adderall: Nobody talks about it because everyone is on it. Deze uitspraak zou er zelfs op duiden dat Adderall genormaliseerd is. Adderall bevat een combinatie van amfetamine zouten met inbegrip van dextroamphetamine en amfetamine. Deze drug fungeert als een stimulans van het centrale zenuwstelsel en draagt bij aan verhoogde aandacht, concentratie en focus. Antidoping maatregelen zijn daarom van belang net als het kijken naar opvoeding, preventie en controlesystemen. Daarom stelde de Esports Integrity Commissie ook een Anti-dopingcode op met verboden middelen waaronder Adderall en Ritalin.  

Over het algemeen is er nog maar beperkt onderzoek gedaan naar de effecten van competitief gamen op de fysieke gezondheid van de gamers. Er is een gebrek aan kennis over de (lange termijn) effecten van esports op blessures en de algemene fysieke gezondheid, terwijl deze gevaren inherent zijn aan het van nature lucratieve en competitieve systeem van esports (Lindberg  et al., 2020; DiFrancesco et al., 2019; Seiffert et al., 2019; Keyi Yin et al., 2020). Hoewel door velen esports als ongezond wordt gezien door het van nature sedentaire gedrag is er nog maar beperkt onderzoek die deze aanname ondersteunt of ontkracht (Kelly & Leung, 2021). Ook ontbreekt het nog aan medische richtlijnen hoe om te gaan met medische vraagstukken om blessures te voorkomen en genezen (Seiffert et al., 2020; DiFranceso et al., 2019).

Medische specialisten

Uit het al genoemde onderzoek van DiFrancesco et al.  (2019) blijkt dat slechts 2% van de spelers naar een gezondheidsspecialist gaat om naar de klachten te laten kijken. In esports is het nog niet de norm om een medisch team bij de staf te hebben, en kan het bij esportscoaches ontbreken aan basiskennis over blessures. Om de gezondheid van esports zo goed mogelijk te waarborgen ontwikkelde DiFrancesio et al. (2019) een esports medisch team model met daarin plek voor zes specialisten: voedingsdeskundige, oogspecialist, psycholoog, fysiotherapeut, fysieke trainer en een eerstelijns sportarts.

Herhalende activiteiten over een langere tijd kunnen vele hand- en pols blessures opleveren. Denk daarbij aan tintelen, overgevoeligheid, algemeen ongemak of slapheid. Het overmatig gebruik van vingers en handen kan resulteren in sportspecifieke blessures (Seiffert et al., 2020). 

De meest voorkomende klachten onder esporters zijn oogvermoeidheid (56%), nek- en rugklachten (42%), polsklachten (36%) en handklachten (32%) (DiFrancisco et al., 2019). Uit ander onderzoek onder 188 Deense esporters blijkt dat 42% last heeft van pijn aan de spieren en/of botten. Ook in dit onderzoek waren rug- en nekpijn de meeste gehoorde klachten. Lindberg et al. (2020) concludeerde uit dit onderzoek dat esporters met klachten over de spieren en/of botten significant minder gamen/trainen dan esporters zonder klachten. De pijn lijkt daarmee een negatief effect te hebben op de participeren in esports. Dit geeft aan dat esportsorganisaties er ook belang bij hebben om bewust bezig te zijn met de met de fysieke gesteldheid en klachten van hun spelers.

Veelvoorkomende blessures

Blessures

Net als traditionele topsporters kunnen ook blessures bij esporters ontstaan. Zo zijn er professionele spelers die soms een time-out moeten nemen of zelfs stoppen door blessures, zoals professioneel league of legends speler Jian “Uzi” Zi-Hao en professioneel Call of Duty speler Thomas “ZooMaa” Papratto

Deze blessures ontstaan door twee belangrijke eigenschappen van esports. Ten eerste verrichten esporters tussen 500 en 600 acties per minuut op hun keyboards, waardoor ze constant dezelfde fijn motorische bewegingen maken. Ten tweede zitten ze voor een lange tijd achter elkaar met vaak een slechte houding (Emara et al., 2020; Seiffert et al., 2020). 

Uit onderzoek onder 65 esporters van Amerikaanse en Canadese Universiteiten blijkt dat 15% van de spelers aangeeft dat zij 3 uur of zelfs meer gamen zonder te gaan staan of een pauze te nemen (DiFrancisco et al., 2019). Esporters kunnen het zich niet veroorloven om pauzes te nemen en games kunnen uren duren. Zelfs tussen toernooien houden ze hun vaardigheden op peil met vele uren gamen (Seiffert et al., 2020). 

Lichamelijke activiteit

Esporters zitten veel, omdat hun training ook vooral zittend plaatsvindt. Om vaardigheden te verbeteren zijn er vele uren aan oefening nodig om een bepaald niveau te bereiken. Bereik je een hoog niveau, dan weten esporters net als bijvoorbeeld topschakers en -dammers dat een goede lichamelijke fitheid en conditie bijdragen aan hun prestatie. 

Uit studie van Kari e.a. (2016) onder 118 van die top-esporters blijkt dat van de gemiddelde vijf uur en 28 minuten dagelijkse training, iets meer dan één uur bestaat uit lichamelijke oefeningen. Uit dat onderzoek blijkt ook dat meer dan de helft van de onderzochte esporters overtuigd is van het positieve effect op hun prestaties door het integreren van fysieke training in hun trainingsprogramma. Een ander geluid laat het onderzoek van Di Francisco-Donoghue e.a. (2019) horen. Zij zien dat 40% van de esporters van universiteitsteams niet deelneemt aan een of andere vorm van lichamelijke activiteit. 

Daarnaast gaven hun respondenten aan dat esporters in voorbereiding op competities tussen de 5,5 en 10 uur per dag trainen. De Nederlandse millennial besteedt bijna vijf uur per week aan gamen. De Nederlandse esports fans gamen gemiddeld tien uur per week. Topspelers zitten soms tot 16 uur per dag te spelen. Onderzoek van Nielsen (2017) onder 500 (post) millennials (14-35 jaar) laat zien dat 89% van de esports fans ook traditioneel sport. Ondanks dat deze millennials niet alleen maar achter het scherm zitten, zijn de gezondheidseffecten van te veel zitten niet zomaar met één of twee keer in de week sporten te compenseren. Het gaat dan om het vinden van de juiste balans tussen sedentaire activiteiten en fysiek actievere activiteiten.

Critici beweren dat esports ongezond is respectievelijk de fysieke fitheid aantast. Spelers kijken lange tijd naar beeldschermen en doen dit zittend. Hieronder een selectie van een aantal onderzoeken naar die bewering.

11. Esports en de fysieke gezondheid