Tip!

Maak een analyse: hoe sta je er binnen jouw gemeente/ organisatie voor. Wat gaat goed, waar liggen kansen? Gebruik die inzichten om jouw beleid toe te spitsen op de kinderen die je wilt bereiken vanuit jouw organisatie of rol.

Ander aanbod en prestatiedruk

  • Een andere belemmering voor buitenspelen is dat kinderen hier steeds minder tijd voor hebben. Omdat er meer aanbod is voor gestructureerde sport- en spelactiviteiten, of door concurrerende vrijetijdsbesteding zoals gamen. 
  • Een onderzoek van Jantje Beton laat zien dat 45% van de kinderen aangeeft dat digitale speelmogelijkheden zoals gamen of Tiktok een reden is om niet buiten te spelen. 
  • Naarmate kinderen ouder worden, wordt ook huiswerk genoemd als reden om niet buiten te spelen.
  • Ook is de toegenomen prestatiedruk bij kinderen (en ouders) een belemmerende factor in lekker buitenspelen.

Samen spelen met andere kinderen 

  • Kinderen bewegen meer als zij samen kunnen spelen met andere kinderen in de buurt of op de kinderopvang.
  • Omdat er steeds minder kinderen op straat zijn om mee te spelen, wordt buitenspelen minder aantrekkelijk waardoor er een vicieuze cirkel ontstaat.
  • Ook is het hebben van broertjes of zusjes bevorderend voor buitenspelen.

Het kind zelf

  • Kinderen met lagere motorische vaardigheden bewegen minder, vinden het minder leuk en spelen minder buiten.
  • Kinderen met een gezonde levensstijl, betere voeding en slaap, zijn vaker actief dan kinderen met een ongezonde levensstijl. Kinderen met overgewicht of obesitas bewegen meestal minder.
  • Jongens zijn over het algemeen actiever dan meisjes.
  • Sommige kinderen hebben nu eenmaal een voorkeur voor meer inactieve activiteiten, zoals tv kijken of gamen.

We zagen in het hoofdstuk over feiten & cijfers al dat niet alle kinderen evenveel buitenspelen. Hier zoomen we dieper op in. Op sommige factoren heb je invloed, denk aan speelmateriaal en beleid. Andere factoren zijn niet of minder makkelijk te beïnvloeden, zoals het weer en de fysieke omgeving.

Snel navigeren

Beleid

De aanwezigheid van beleid op buitenspelen is ook één van de stimulerende factoren. Als je buitenspelen opneemt in het beleid van jouw gemeente of organisatie, worden overal de drempels lager. Het zorgt voor meer bewustzijn bij professionals en het helpt om voldoende goede voorzieningen voor buitenspelen te ontwikkelen.

De fysieke omgeving

De plek waar kinderen opgroeien, heeft veel invloed op hoeveel ze buitenspelen. Een kind dat opgroeit in een groene wijk met een eigen tuin, heeft een totaal andere ervaring dan een kind dat opgroeit in een flat in de binnenstad van een grote stad.

De sociale omgeving

Ouders als rolmodel

  • Actieve ouders zijn een rolmodel voor kinderen, waardoor zij al jong de gewoonte overnemen om te bewegen en actief te zijn.
  • Kinderen bewegen meer en gevarieerder als ze ondersteund en aangemoedigd worden om nieuwe dingen te proberen en te bewegen.
  • Voor het stimuleren van buitenspelen hebben kinderen vrijheid nodig om uitdagingen op te zoeken. Ouders die teveel regels stellen, hun kinderen continu monitoren en willen behoeden voor risico’s, zijn een belemmerende factor.
  • Hetzelfde geldt voor ouders die door bijvoorbeeld werkdruk geen tijd of energie over hebben om buitenspelen te stimuleren.
  • Jongens mogen van hun ouders vaker alleen buitenspelen dan meisjes.
  • In buurten met een grotere sociale cohesie, wordt buitenspelen meer gestimuleerd omdat ouders de buurt kennen en het minder gevaarlijk vinden.
  • Kinderen spelen meer buiten op plekken met weinig verkeer en veel groen.
  • Aanwezigheid en bereikbaarheid van speelplekken is bevorderend.
  • Een grotere speelplek zorgt voor meer lichamelijke beweging.
  • Ook is afwisseling in de speelomgeving stimulerend, zoals variatie in aanbod en verschil in hoogtes. Kinderen worden namelijk in nieuwe omgevingen meer geprikkeld om te spelen en nieuwe dingen te ontdekken.
  • Ook helpt voldoende en afwisselend speelmateriaal. Zo zorgen schommels en glijbanen tot meer inactiviteit - al zijn die voor meisjes weer aantrekkelijk. Terwijl ballen, springmaterialen en een gestructureerd parcours kinderen actiever maken.
  • Uiteraard spelen ook weersomstandigheden een grote rol in het stimuleren of belemmeren van het buitenspelen. Vergeleken met professionals, denken ouders overigens vaker dat kinderen ziek worden als ze buiten in de kou spelen.
3. Factoren van invloed op buitenspelen 

Tip!

Maak een analyse: hoe sta je er binnen jouw gemeente/ organisatie voor. Wat gaat goed, waar liggen kansen? Gebruik die inzichten om jouw beleid toe te spitsen op de kinderen die je wilt bereiken vanuit jouw organisatie of rol.

Beleid

De aanwezigheid van beleid op buitenspelen is ook één van de stimulerende factoren. Als je buitenspelen opneemt in het beleid van jouw gemeente of organisatie, worden overal de drempels lager. Het zorgt voor meer bewustzijn bij professionals en het helpt om voldoende goede voorzieningen voor buitenspelen te ontwikkelen.

Ander aanbod en prestatiedruk

  • Een andere belemmering voor buitenspelen is dat kinderen hier steeds minder tijd voor hebben. Omdat er meer aanbod is voor gestructureerde sport- en spelactiviteiten, of door concurrerende vrijetijdsbesteding zoals gamen. 
  • Een onderzoek van Jantje Beton laat zien dat 45% van de kinderen aangeeft dat digitale speelmogelijkheden zoals gamen of Tiktok een reden is om niet buiten te spelen. 
  • Naarmate kinderen ouder worden, wordt ook huiswerk genoemd als reden om niet buiten te spelen.
  • Ook is de toegenomen prestatiedruk bij kinderen (en ouders) een belemmerende factor in lekker buitenspelen.

De fysieke omgeving

De plek waar kinderen opgroeien, heeft veel invloed op hoeveel ze buitenspelen. Een kind dat opgroeit in een groene wijk met een eigen tuin, heeft een totaal andere ervaring dan een kind dat opgroeit in een flat in de binnenstad van een grote stad.

Samen spelen met andere kinderen 

  • Kinderen bewegen meer als zij samen kunnen spelen met andere kinderen in de buurt of op de kinderopvang.
  • Omdat er steeds minder kinderen op straat zijn om mee te spelen, wordt buitenspelen minder aantrekkelijk waardoor er een vicieuze cirkel ontstaat.
  • Ook is het hebben van broertjes of zusjes bevorderend voor buitenspelen.

De sociale omgeving

Ouders als rolmodel

  • Actieve ouders zijn een rolmodel voor kinderen, waardoor zij al jong de gewoonte overnemen om te bewegen en actief te zijn.
  • Kinderen bewegen meer en gevarieerder als ze ondersteund en aangemoedigd worden om nieuwe dingen te proberen en te bewegen.
  • Voor het stimuleren van buitenspelen hebben kinderen vrijheid nodig om uitdagingen op te zoeken. Ouders die teveel regels stellen, hun kinderen continu monitoren en willen behoeden voor risico’s, zijn een belemmerende factor.
  • Hetzelfde geldt voor ouders die door bijvoorbeeld werkdruk geen tijd of energie over hebben om buitenspelen te stimuleren.
  • Jongens mogen van hun ouders vaker alleen buitenspelen dan meisjes.
  • In buurten met een grotere sociale cohesie, wordt buitenspelen meer gestimuleerd omdat ouders de buurt kennen en het minder gevaarlijk vinden.

Het kind zelf

  • Kinderen met lagere motorische vaardigheden bewegen minder, vinden het minder leuk en spelen minder buiten.
  • Kinderen met een gezonde levensstijl, betere voeding en slaap, zijn vaker actief dan kinderen met een ongezonde levensstijl. Kinderen met overgewicht of obesitas bewegen meestal minder.
  • Jongens zijn over het algemeen actiever dan meisjes.
  • Sommige kinderen hebben nu eenmaal een voorkeur voor meer inactieve activiteiten, zoals tv kijken of gamen.

We zagen in het hoofdstuk over feiten & cijfers al dat niet alle kinderen evenveel buitenspelen. Hier zoomen we dieper op in. Op sommige factoren heb je invloed, denk aan speelmateriaal en beleid. Andere factoren zijn niet of minder makkelijk te beïnvloeden, zoals het weer en de fysieke omgeving.

Snel navigeren

3. Factoren van invloed op buitenspelen